Zweden blijft verrassen

Gepubliceerd op 22 september 2026 om 20:36

Vanaf ons fijne plekje aan het strand bij Orsa rijden we de volgende dag rustig verder naar het eiland Sollerön. Daar vinden we het Vikingatida gravfält – Mounds of Sollerön: een plek met een bijzonder verhaal en een landschap dat meteen anders aanvoelt.

Op het eerste gezicht vinden we het eerlijk gezegd niet meteen super spectaculair. Misschien heeft het ook met de tijd van het jaar te maken; buiten het seizoen is er natuurlijk een stuk minder te doen dan in de zomer en het terrein voelt wat stiller. Maar zoals wel vaker geldt: duik je een beetje in de geschiedenis, dan wordt zo'n plek vanzelf een stuk interessanter. Je kijkt ineens toch met andere ogen om je heen.

Bij onze allereerste overnachting in Zweden stonden we al bij een Vikingmuseum, waar we eigenlijk hetzelfde hoorden. Bij Vikingen denken we al snel aan plunderende bendes, schepen en gevechten. Maar veel Vikingen waren gewoon boeren, handelaren of ambachtslieden. Net als iedereen hielden ze zich vooral bezig met het dagelijks leven. 

In 1921 ontdekten ze hier dat veel van de hopen stenen in het landschap geen gewone steenhoopjes zijn, maar grafheuvels. Het zijn zogeheten vuurgraven, waarbij overledenen werden gecremeerd en daarna begraven. Dan kijk je toch ineens anders naar wat er voor je ligt en krijgen die stille hopen stenen veel meer betekenis.
We maken een klein rondje over het terrein en laten de geschiedenis rustig op ons inwerken. Het is geen enorme bezienswaardigheid waar je uren rondloopt, maar wel zo'n plek die steeds interessanter wordt zodra je weet waar je naar kijkt en wat hier vroeger allemaal is gebeurd.

Vanaf Sollerön rijden we via Mora naar Nusnäs. Hier worden de wereldberoemde Dalarnapaardjes gemaakt. We nemen natuurlijk een kijkje in allebei de winkeltjes waar ze verkocht worden.

Bij één van de twee mogen we zelfs even doorlopen naar het fabrieksgedeelte. Superleuk om te zien hoe zo'n paardje wordt gemaakt! 

Het hout wordt eerst uitgezaagd en bewerkt, waarna de paardjes met de hand worden beschilderd. Vooral dat schilderwerk is prachtig: ieder paardje krijgt zijn eigen handgeschilderde details en is daardoor net even anders.

In beide winkels snuffelen we uitgebreid rond tussen de verschillende maten, kleuren en beschilderingen. En er is nog veel meer leuks te koop, zoals kussenhoezen, kleden en keukenspullen. Natuurlijk staat er overal wel een Dalarnapaardje op.

Uiteindelijk kunnen we het natuurlijk niet laten. Er gaat een Dalarnapaardje met ons mee. 😊

Wat ons hier trouwens opvalt, zijn de oude Amerikaanse auto's die we onderweg tegenkomen. Grote klassieke sleeën, glimmend en vaak prachtig opgeknapt – alsof ze zo uit een andere tijd zijn komen aanrijden. Blijkbaar heeft dat alles te maken met de Raggare-subcultuur: liefhebbers van rock-'n-roll en vetkuiven.

En eerlijk? Wij vinden het geweldig! Het is weer zo'n typisch Zweeds stukje dat we vooraf totaal niet hadden verwacht. Juist daarom is het extra leuk om onderweg tegen te komen.

We sluiten de dag af op een heel bijzonder plekje: het zomerdorp Fåsås, midden in een bosrijke omgeving.

Hier is eigenlijk niet veel. Geen elektriciteit, geen stromend water en geen moderne voorzieningen zoals we die thuis gewend zijn. Het voelt een beetje alsof je even teruggaat in de tijd. We staan op het erf van een heel aardig echtpaar. Omdat het weer niet geweldig is, besluiten we twee nachtjes te blijven. En eerlijk: op zo’n fijn plekje vinden we het helemaal niet erg om een dagje rustig aan te doen en te genieten van de stilte om ons heen.

Toch gebeurt er hier ook iets bijzonders: ze zijn net bezig met het boren van hun eigen waterput. Superleuk om wat langer te blijven en te zien hoe ze hier zelf hun voorzieningen regelen. Mooi ook om te merken hoe praktisch en vanzelfsprekend ze met alles omgaan. 

Het is bijzonder om hier te staan en het maakt je ook best nederig. Op zo’n plek besef je weer hoeveel luxe we eigenlijk heel vanzelfsprekend zijn gaan vinden. Een bijzondere ervaring dus. Niet zozeer vanwege alles wat er te zien is, maar vooral vanwege het gevoel: even geen afleiding, alleen rust en alle tijd om je heen.

Na twee nachtjes in Fåsås trekken we weer een stukje zuidelijker. Onze eerste stop: Rättvik, een plaatsje aan het prachtige Siljanmeer.
Hier staat bij de kerk een bijzondere verzameling van 87 houten kerkenstallen. Vroeger kwamen kerkgangers van heinde en verre naar de kerk en konden ze hun paarden tijdens de dienst in deze stallen kwijt. De oudste stallen stammen zelfs al uit de 15e eeuw.

We willen ook nog even een kijkje nemen bij de Långbryggan: een enorme houten steiger die maar liefst 628 meter het Siljanmeer in loopt. Helaas kunnen we met de camper niet dichtbij genoeg komen.

Dan rijden we maar weer verder, binnendoor en zoveel mogelijk langs het meer. Zeker geen verkeerde route.

We rijden door naar Tällberg, een idyllisch dorp aan de oostkant van het Siljanmeer. Het dorp en de kleine gehuchten eromheen staan bekend om hun authentieke rode houten huizen. Een mooi  stukje Zweden om lekker rustig doorheen te rijden.

Vanuit Tällberg gaat de route verder richting Falun. Inmiddels moeten we nodig ons zwarte en grijze water lozen en vers drinkwater tanken. Buiten de campings blijkt dat in Zweden nog best een zoektocht. Omdat we campings meestal overslaan, zijn we steeds op zoek naar plekjes waar we dit kunnen regelen.

Uiteindelijk vinden we een plek bij Leksand, op het terrein van de knäckebrödfabriek. 

En ja… nu we er toch zijn, nemen we natuurlijk ook even een kijkje in de winkel. 😉 Wat een keuze aan knäckebröd! 
Voor je het weet, vergeet je bijna dat we eigenlijk alleen water kwamen regelen. Gelukkig rijden we uiteindelijk weer weg met volle tanks én wat lekkers voor onderweg.

Vanuit Leksand rijden we verder richting Falun. Alles gaat eigenlijk helemaal volgens plan en we genieten volop van de mooie Zweedse omgeving. Totdat... er ineens een rood olielampje op het dashboard gaat branden.

Even flink schrikken dus. Aan het oliepeil lag het niet, dat wisten we al. We zetten de camper daarom zo snel en veilig mogelijk aan de kant en bellen meteen de pechhulp. Onze eerste gedachte? Is dit het einde van onze vakantie? Nee toch? 

Zo'n twee uur later komt de takelwagen eindelijk aanrijden. De camper wordt aan de achterkant van de takelwagen gekoppeld en de voorwielen komen in de zogeheten lepels van de takelwagen te staan. Wij blijven lekker met de honden in de camper zitten, terwijl alles goed wordt vastgemaakt.

En daar ga je dan… Best een gekke en toch ook wel onwerkelijke ervaring: zo achter een takelwagen door Zweden rijden. 😳

Gelukkig hebben we een beetje geluk bij een ongeluk.

Op zo'n 25 kilometer afstand zit toevallig een Fiat-garage die nog bereikbaar is. Volgens de bestuurder is dit in een straal van ongeveer 400 kilometer de enige garage die ons echt kan helpen. De bestuurder is trouwens een aardige jonge gast en hij kan ook nog eens supergoed rijden. Vooral tijdens het laatste stukje, als hij met onze camper achter zich het terrein van de garage op manoeuvreert, laat hij zien dat hij zijn rijbewijs niet voor niks heeft. 😉

Als we aankomen, is de garage officieel al gesloten. Dat maakt het natuurlijk nog even extra spannend. We houden er daarom maar rekening mee dat dit onze slaapplek voor de nacht wordt. Maar dan komen de eigenaar en de monteurs toch nog even kijken wat er precies aan de hand is.

En ook dan merken we weer hoe fijn het is dat zoveel Zweden goed Engels spreken. Zeker op zo'n moment, als je met een technisch probleem staat en best wat wilt uitleggen en begrijpen, is het superprettig dat je niet óók nog eens tegen een taalbarrière aanloopt. Dat geeft meteen een stuk meer rust.

Een enorme opluchting: gelukkig blijkt het niet de oliepomp te zijn. Hoewel ze eigenlijk al gesloten zijn, besluiten de monteurs om de camper toch nog diezelfde avond te repareren. De oliesensor wordt vervangen, de olie ververst en er komt een nieuw oliefilter in. We zijn zó blij op dat moment.

En dan gebeurt waar we eigenlijk niet meer op durfden te hopen: na alle spanning en onzekerheid krijgen we eindelijk goed nieuws.

We kunnen gewoon weer verder! 🎉

Uiteindelijk rijden we die avond toch nog naar Falun, precies zoals we oorspronkelijk van plan waren. Alleen nu met een stuk meer opluchting dan verwacht. Niet bepaald het avontuur waar we op zaten te wachten, maar dankzij een flinke dosis Zweedse behulpzaamheid loopt het gelukkig goed af. En ons vertrouwen? Dat is weer helemaal terug.

Deze dag eindigt dus heel anders dan we die ochtend hadden gedacht.

We rijden Falun binnen en halen eindelijk opgelucht adem. Wat begon met een rood lampje op het dashboard, verandert uiteindelijk in een bijzonder reisverhaal – inclusief de nodige spanning onderweg.

Want één ding is inmiddels wel duidelijk: Zweden blijft verrassen. 😉

Wordt vervolgd…

 

Groetjes,
Liene

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.