We zijn alweer bijna een week verder en hebben een groot deel van de prachtige en indrukwekkende kustlijn in het noorden van Bretagne gezien en meer. Soms denk ik dat we het misschien een beetje te snel en misschien zelfs iets te gehaast hebben gedaan. Maar ja, is dat echt zo? Het is wel een waardevol leermomentje. De volgende keer misschien toch even wat meer globaal bepalen wat de route gaat worden, wat de bezienswaardigheden zijn en wat wij daarvan willen zien. Vooral voor de grotere roadtrips.
Ik moet wel zeggen dat het weer tot nu toe ook niet helemaal mee zit en dat beïnvloedt toch ook wel een beetje de boel.
Maar buiten dat, denk ik dat we nu wel wat mooie pareltjes hebben gemist. Nu zal dat altijd wel gebeuren, dat je achteraf denkt: ach, hadden we dat maar geweten, maar toch. Nou ja, voor een volgende keer dan maar.
Deze keer bijvoorbeeld waren we al naar het zuiden afgezakt, toen ik ontdekte dat het schiereiland Crozon toch ook wel een bezoekje waard was. En, ja, wat doe je dan? In ons geval gewoon terugrijden 😉 We hebben daar ook de tijd voor, dus dat is mooi meegenomen en geeft ons de vrijheid om te verkennen. Bovendien is dat het fijne van met een camper op pad zijn: je hebt alles bij je en je bent zo weer onderweg.
We merken wel dat het slim is om rond een uur of twee à drie een overnachtingsplek te zoeken, vooral op populaire plekken. Natuurlijk hangt het ook een beetje af van hoe groot de camperplaats is en hoe druk het er is met andere reizigers. Maar als je nog wat keuze wilt hebben of überhaupt een plekje wilt vinden, is het handig om op tijd te stoppen.
Op onze eerste overnachting na, hebben we iedere keer een plekje met stroom weten te vinden, want ja, dat off-grid dingetje. Soms was het even zoeken, want het aantal plekken viel soms een beetje tegen, maar tot nu toe is het ons altijd gelukt. Natuurlijk was het ene plekje mooier dan de andere, maar we konden in ieder geval lekker slapen.
We hebben inmiddels al een paar keer gedoucht in de camper. Het is wel wat extra werk om hem leeg te maken, want ja, die extra kast is gewoon zo handig, maar verder ging het helemaal prima. Omdat we plekken met stroom hadden, waren er vaak meer voorzieningen, dus het legen van het toilet was geen probleem.
Maar nu de route: we pakken de draad weer op bij Tréguier. Een schattig plaatsje met een grote kathedraal en van die mooie oude vakwerkhuisjes. Vanuit daar zijn we via de D786 en de D6 naar Perros-Guirec gereden en verder naar Plage de Trégastel. We hebben daar even een pitstop gemaakt om die prachtige rotspartijen te bewonderen, die deel uitmaken van de Côte de Granite Rose. We wilden eerder al stoppen om dit te bekijken, maar het was lastig om een plekje te vinden waar we met de camper konden parkeren.
Daarna zijn we verder binnendoor gereden over de D11, D788 en D786 naar Roscoff, waar we in een nabijgelegen plaatsje een camperplek hebben opgezocht. We hebben daar twee nachtjes gestaan. De volgende dag hebben we een rondje gefietst, onder andere naar het leuke oude centrum van Roscoff zelf.
Vanuit Roscoff zijn we naar Pont-l’Abbé in het zuiden van Bretagne gereden. Er is hier best wat te zien, zoals het Jaagpad, maar helaas regende het toen we er waren. Dus ja, dat was minder. De volgende dag besloten we om alsnog naar het schiereiland te gaan. We zijn dus weer een stuk teruggereden via de D785, D56, D63 en D887 naar Camaret-sur-Mer. Net buiten het centrum hebben we daar geslapen op een camperplaats, vlakbij de ‘alignements de Lagatjar’. Dat zijn drie rijen menhirs, waarvan de langste maar liefst 203 meter is.
De volgende ochtend zijn we eerst naar "Pointe de Pen-Hir" gereden, het meest westelijke punt van het schiereiland, een paar kilometer verderop. Als je een beetje fit bent, kun je hier ook gewoon naartoe wandelen, want er ligt een mooi wandelpad langs de kust. Gelukkig voor mij was er ook een grote parkeerplaats. Onderweg kom je eerst nog langs wat overblijfselen van de Tweede Wereldoorlog, met een klein museum erbij.
Bij Pen-Hir zelf heb je een prachtig uitzicht op indrukwekkende granieten kliffen en rotsen. Echt de moeite waard! Toen wij er waren, was het helaas best mistig, maar ik kan me voorstellen dat je daar geweldige uitzichten hebt. Ook staat er het Monument voor de Bretoenen van Vrij Frankrijk.
Daarna zijn we doorgereden naar Morgat, een schattig badplaatsje, zo’n 10 kilometer verderop. Of terug, hangt er maar net vanaf hoe je het bekijkt 😅 We hebben hier weer een nachtje doorgebracht.
De afstanden hoeven niet altijd groot te zijn toch. We stonden echt aan de rand van het dorpje, dus we konden zo vanaf de camperplaats naar de (kleine) boulevard lopen. Dat hadden we nog niet eerder meegemaakt tijdens deze vakantie, en dat was echt leuk.
Vervolgens zijn we, met een leuk omweggetje langs de “Cap de la Chèvre”, weer terug naar het zuiden gereden. We staan nu net buiten het gezellige havenstadje Concarneau. En als het weer zo blijft – ja, we hebben inmiddels een zonnetje! – dan gaan we hier morgen even op de fiets naartoe.
Dat was het weer even voor nu. Tot de volgende keer!
Groetjes,
Liene
Reactie plaatsen
Reacties